Applied Behavior Analysis (ABA)

ABA staat voor Applied Behavior Analysis en betekent toegepaste gedragsanalyse. De methode is in 1960 ontwikkeld door Ivar Lovaas. Hij onderzocht gedragsanalyses. Deze methode is door de jaren heen aangepast en verder ontwikkeld. Dit heeft onder andere geresulteerd in PRT en DTT.

Applied Behavior Analysis is de toepassing van een wetenschappelijke benadering van gedragsanalyses, waarbij aangetoond is dat bepaalde principes effectief zijn om vaardigheden te stimuleren en ontwikkelen. Deze toepassing wordt al in vele landen gebruikt om o.a. kinderen met autisme te begeleiden en te behandelen.

ABA is een vroegtijdige en intensieve gedragstherapie, gebaseerd op 1-op-1 begeleiding. De methode is gebaseerd op wetenschappelijke informatie, is gestructureerd en is transparant. De ABA methode kan gebruikt worden voor zowel educatieve, opvoedkundige als therapeutische doeleinden. De doelen zijn aangepast aan de competenties en benodigdheden van het kind als individu.

ABA is een vroegtijdige en intensieve gedragstherapie, gebaseerd op 1-op-1 begeleiding.

Het bestaat uit het aanleren van vaardigheden in kleine haalbare stapjes door een juiste omgeving te creëren, de juiste hulp te bieden, te zorgen voor veel oefening en herhaling en te zorgen dat het kind gemotiveerd is. Hierdoor leert uw kind allerlei vaardigheden die in eerste instantie soms niet mogelijk leken te zijn! Het aanmoedigen en belonen van gewenste gedragingen staat op de voorgrond, evenals het aansluiten bij de motivatie van uw kind.

Kinderen met autisme of met een ontwikkelingsachterstand leren veelal niet vanzelf; extra stimulering, oefening en vaardigheden in kleine stapjes aanbieden is dan ook een goede manier om vaardigheden aan te leren en verder te laten ontwikkelen. Daarom is ABA een geschikte – en zeer kindvriendelijke- methode om kinderen met autisme allerlei vaardigheden aan te leren.

Vaardigheden die aangeleerd kunnen worden met deze methode zijn zelfredzaamheid, sociale- cognitieve- en motorische vaardigheden, spel, taal en (voor-) schoolse vaardigheden.

Applied Behavior Analysis is de rode draad tijdens de behandeling.

Denk hierbij aan zelfstandig aankleden en eten, zindelijkheid, contact maken, allerlei spelhandelingen en spelvaardigheden, samen spelen, leren plannen, aandachtsspanne vergroten, fijne en grove motoriek versterken, leren spreken, begrijpen van (abstracte) taal, visuele vaardigheden versterken, rekenen, spellen, lezen, tekenen, schrijven etc. Daarnaast kunnen andere ongewenste gedragingen, zoals agressief, verstorend en stereotypisch gedrag, gereduceerd worden.

Binnen het Robertshuis maken we gebruik van zowel ABA, DTT en PRT. Applied Behavior Analysis is de rode draad tijdens de behandeling. We gebruiken ABA vooral om het kind te shapen (vormen). Dit doen we door middel van de zogenaamde most-to-least-prompting en de least-to-most-prompting. Het uitgangspunt hierbij is dat we ervan uitgaan dat een kind alles kan leren.

Afhankelijk van zijn/haar mogelijkheden heeft hij/zij hierbij maximale hulp (fysieke hulp of model) of hulp afbouwend naar het zelfstandig kunnen, nodig. Ook kan het zijn dat een kind een vaardigheid al beheerst, maar door de overprikkeling het op dit moment niet kan uitvoeren waardoor er maximale hulp nodig is.